Biografisch Woordenboek van Nederland Wiskundigen


Hendrik de Vries was specialist op het gebied van de klassieke meetkunde. Hij is vooral bekend geworden door zijn artikelen van historische aard over de negentiende eeuwse meetkunde.

VRIES, Hendrik de, meetkundige (Amsterdam, 25 augustus 1867 - Binyamina (Israël), 3 maart 1954). Zoon van David de Vries, leraar aan de ambachtsschool te Amsterdam en later directeur van de ambachtsschool te Rotterdam. Hij was gehuwd en had twee kinderen.

Hendrik de Vries werd geboren te Amsterdam en groeide op in Rotterdam. In 1884 verhuisde het gezin De Vries naar Frauenfeld (Zwitserland). Van 1886 tot 1890 studeerde Hendrik de Vries aan het Eidgenossische Polytechnicum te Zürich. Daar was hij van 1890 tot 1894 assistent voor beschrijvende en projectieve meetkunde bij zijn leermeester D. Fiedler. Naar Nederland teruggekeerd zette De Vries zijn studie voort aan de Universiteit van Amsterdam, waarna hij leraar werd aan de eerste vijfjarige HBS. In 1901 promoveerde hij bij D.J. Korteweg op een proefschrift met de titel Over de restdoorsnede van twee volgens een vlakke kromme perspectivische kegels en over satellietkrommen. In hetzelfde jaar werd hij privaat-docent aan de Universiteit van Amsterdam. Van 1902 tot 1906 was hij (hoog)leraar aan de Polytechnische School te Delft, welke in 1905 werd omgezet in een Technische Hogeschool. Hierna werd hij hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam. Deze functie heeft hij vervuld tot aan zijn emeritaat in 1937. Korte tijd daarna vertrok hij (met zijn latere levensgezellin Virginie Slijper) naar Binyamina in het toenmalige Palestina, waar hij in 1954 is overleden.

Het onderzoeksterrein van Hendrik de Vries was de meetkunde en in het bijzonder de projectieve meetkunde. Hij was een groot kenner van de oorspronkelijke werken van belangrijke negentiende eeuwse meetkundigen als Monge, Plücker en Möbius. Zijn kennis heeft hij neergelegd in een groot aantal artikelen van historische aard, die in het Nieuw Tijdschrift voor Wiskunde verschenen. Deze artikelen zijn later gebundeld in zijn driedelig werk Historische Studiën. Daarnaast was Hendrik de Vries auteur van een aantal leerboeken over projectieve en beschrijvende meetkunde en over differentiaal- en intergraalrekening. De Vries, die vrijwel uitsluitend in het Nederlands publiceerde, schreef in een levendige, informele stijl, geheel in de traditie van de negentiende eeuw.

Hendrik de Vries heeft niet zozeer naam gemaakt als wiskundig onderzoeker, maar was een voortreffelijk docent. Zijn colleges en leerboeken werden zeer gewaardeerd. Vele studenten hebben hun proefschrift onder zijn leiding gechreven, onder wie B.L. van der Waerden. In dit opzicht heeft hij zeker invloed gehad op de beoefening van de wiskunde in Nederland in de eerste helft van de twintigste eeuw.

Bronnen
B.L. van der Waerden, Levensbericht van Hendrik de Vries. Levensberichten van de Koninklijke Nederlandse Academie van Wetenschappen 1953-1954, pp 275-277.
J.G. van der Corput, Wiskunde. In: Geestelijk Nederland 1920-1940 (onder red. van K.F. Proost en J. Romein), deel II, pp 255-291. Uitgeverij Kosmos, Amsterdam-Antwerpen, 1948.
Nieuw Tijdschrift voor Wiskunde, jaargang 41 (1953-1954), pp 297-301 (deze pagina's bevatten een korte levensbeschrijving, een lijst van publicaties, alsmede een bijdrage van C.Faber-Gouwentak).

Publicaties
H. de Vries, Historische Studi\" en (3 delen, 1926-1940). Noorhoff, Groningen.

Auteur: Henk Pijls

Laatst gewijzigd: maart 2006